Volgens velen volstaat ons huidige pensioenstelsel niet meer. Het schijnt niet meer in de moderne samenleving te passen. We worden steeds ouder en ons pensioensysteem moet drastisch anders om nog te kunnen functioneren. Daarnaast verkeren veel pensioenfondsen en verzekeraars al enige tijd in zwaar weer door dalende rentes. Is het een kwestie van de zeilen bijzetten en sturen op die stip aan de horizon of moet de koers rigoureus gewijzigd worden? In dit bericht kunt u lezen over de vele ideeën en oplossingen van een groot aantal politieke partijen. Bij elk idee geven wij een korte feedback. Tenslotte dragen wij zelf ook een oplossing aan.

Zoals we schreven in ons vorige bericht zijn de meningen verdeeld over hoe onze oudedagsvoorziening er straks uit gaat komen te zien.

De pijlers in ons pensioenstelsel

De AOW (Algemene Ouderdomswet) is de eerste pijler. Iedereen die woont of werkt in Nederland is verzekerd voor de AOW. Het wordt ook wel gezien als het basispensioen. De uitkering wordt gedaan door de overheid. Naast deze pijler heb je ook nog de tweede pijler. In deze pijler vallen alle mensen die een pensioen toezegging van hun werkgever hebben gekregen. Een aanvullend pensioen valt in de derde pijler. Mensen die geen pensioentoezegging hebben van hun werkgever. Te denken valt aan ZZP’ers, DGA’ s en mensen die geen pensioen opbouwen via hun werkgever. Die laatste groep is overigens ongeveer 10% van alle werknemers in Nederland (Bron: CBS).

Ons pensioenstelsel bestaat uit:

1e pijler ->       AOW

2e pijler ->       Aanvullend pensioen via werkgever

3e pijler ->       Aanvullend pensioen op de 1e of 2e pijler

De uitkering in de eerste pijler (AOW) bedraagt per 1-1-2017 bruto maximaal € 1.500,64 per maand. Dit bedrag kan alleen nog maar lager uitvallen als er gewerkt wordt met heffingskortingen. Ook het hebben van een partner die wel of niet de pensioengerechtigde leeftijd heeft bereikt speelt mee. Netto houdt u een schamele € 1.319,- over per maand. Nogmaals dit bedrag kan lager uitvallen. Derhalve is het allesbehalve een vetpot. U snapt dat een aanvulling op uw pensioen niet meer dan wenselijk is. Zeker als u de dingen wilt blijven doen die u deed voordat u de pensioengerechtigde leeftijd bereikte.

Om te voorkomen dat we niet lang genoeg met onze “pensioenpot” kunnen doen zijn er een aantal ideeën geopperd. In het bericht van een tijdje terug kunt u hier nog eens rustig over lezen.

Standpunten politieke partijen

Een aantal politieke partijen hebben zich gebogen over ons huidige systeem. De meningen verschillen enorm. Hieronder kunt u lezen hoe de politieke partijen denken over hoe volgens hun ons pensioenstelsel er het beste uit kan komen te zien.

  1. Huidige pensioenstelsel verandert en er komt volledige keuzevrijheid

Volgens de VVD, D66 en de ChristenUnie zouden we beter af zijn met ons eigen pensioenpotje. Op dit moment spaart iedereen bij een pensioenfonds in een grote pot en is er geen persoonsgebonden pot. Daarnaast pleiten alle drie de partijen voor volledige keuzevrijheid. D66 gaat zelfs nog een stapje verder. De partij wil een 5-jarige premievakantie zodat werknemers de ruimte krijgen om bijvoorbeeld hun hypotheek af te lossen.

Onze reactie op dit voorstel

Op zich een prima idee om iedereen een eigen pensioenpotje te geven, zou u denken. Laat ons vertellen waarom dit geen goed idee is. Nu is er nog enigszins zicht op de pensioenopbouw van alle mensen. Zodra iedereen een eigen potje krijgt, dan krijg je geheid problemen. Denk bijvoorbeeld aan mensen die te laks zijn om hun inkomen voor later zelf te regelen. En hoe zit het met mensen die liever een nieuwe keuken kopen of op vakantie willen gaan in plaats van “sparen” voor later. Maar het grootste gevaar zit hem in de leeftijd en het arbeidsverleden van werknemers. Hoe lang zijn ze in dienst, hebben ze gewerkt of moeten ze nog door tot hun pensioenleeftijd? Zo maar enkele vragen waar niet echt rekening mee wordt gehouden in bovenstaande oplossing.  

  1. Huidige pensioenstelsel wordt gemoderniseerd, met behoudt van collectiviteit

De PvdA, CDA en GroenLinks zijn van mening dat het huidige pensioenstelsel wel gemoderniseerd dient te worden maar dat de collectiviteit, van het huidige stelsel, blijft. Het CDA wenst een ‘persoonlijker pensioen’. Mensen krijgen hierdoor meer inzicht in wat ze aan het einde van de rit overhouden. Wel wil het CDA dat de solidariteit behouden blijft. GroenLinks wil op haar beurt dat deelnemers individueel gaan sparen, maar dat ze onderling nog wel de grootste beleggingsrisico’s delen. Het CDA en GroenLinks zitten op dezelfde lijn als de sociale partners. Zij zoeken namelijk ook naar een combinatie van sparen op individuele basis maar een collectieve deling van risico’s. De PvdA wil het liefst een pensioenstelsel zien dat erg lijkt op het huidige, maar dan zonder vaste beloftes. Als er geen harde toezeggingen meer worden gedaan, zijn er ook minder strenge dekkingseisen nodig redeneert de PvdA. ‘Afboeken van pensioenen wordt daardoor zo veel mogelijk voorkomen en indexatie komt weer binnen bereik’, aldus het verkiezingsprogramma.

Onze reactie op dit voorstel

Bovenstaande partijen zijn van mening dat er iets gedaan moet worden aan het huidige pensioenstelsel. Daarnaast streven zij naar een verhoging van de AOW-leeftijd naar 67 jaar. Met deze oplossing zijn wij het niet eens. Het verhogen van de pensioenleeftijd gaat voor problemen zorgen bij bepaalde beroepsgroepen. De kans wordt namelijk erg groot dat fysiotherapeuten, timmermannen en loodgieters niet in een goede gezondheid hun pensioen halen. Met het behouden van de collectiviteit behoud je ook het gevaar met z’n allen de dupe wordt na een negatieve gebeurtenis/risico.

  1. Huidige pensioenprobleem is het verhogen van de rekenrente

Er zijn een aantal partijen die juist van mening zijn dat het huidige pensioenstelsel prima voldoet. De SP, PVV en 50Plus denken dat je met een simpele verhogen van de rekenrente de tekorten kan wegtoveren. Pensioenfondsen gebruiken immers de marktrente om hun verplichtingen te berekenen voor de toekomst. Zoals u weet staat de marktrente op dit moment heel erg laag. Zodra je de rekenrente verhoogt komen pensioenfondsen er weer goed voor te staan en kunnen zij hun verplichtingen in de toekomst weer makkelijk betalen. De aangekondigde kortingen zijn dan weer van de baan en kunnen de pensioenen, in de toekomst, weer verhoogd worden met het inflatiepercentage.

Onze reactie op dit voorstel

Laten we maar meteen aangeven dat we het niet eens zijn met deze voorgestelde “oplossing”. Het verhogen van de rekenrente kan zorgen voor een vertekend beeld. Stel namelijk dat de rente zo laag blijft als dat hij nu is… Dan is het probleem voor nu opgelost maar komen we later vanzelf weer in de problemen als blijkt dat de rente niet gestegen is.

Maar wat kan dan wel de oplossing zijn?

Het pensioenstelsel gaat hoe dan ook op de schop. Als u niet afhankelijk wilt blijven van de  overheid en aanpassingen die komen gaan dient u een eigen “spaarpotje” op te bouwen. Dit kunt u doen door bijvoorbeeld een investering te doen. We weten niet hoe het pensioenstelsel aangepast gaat worden en hoe het er in de toekomst financieel uit gaat zien. Gaat die keuzevrijheid er nu wel of niet komen. U kunt wellicht de dingen doen die u deed voordat u de pensioengerechtigde leeftijd behaalde.

Wat zullen de Tweede Kamerverkiezingen brengen. We weten het in maart en dan komen wij terug op dit onderwerp. In de tussentijd houden wij u op de hoogte van de vorderingen en de ontwikkelingen op het gebied van ons pensioenstelsel.

In ons volgende bericht kunt u lezen over de vele duurzame investeringen die in 2016 gedaan zijn. Een van de leukste berichten die gaan over duurzame investeringen is namelijk het verhaal van Tuk Tuk Holding. Die in een heel kort tijdsbestek € 2,5 miljoen ophaalde met de uitgifte van obligaties.

Tot volgende week.